Een airco, een ventilatiesysteem of een afzuigkap: steeds meer woningen hebben leidingen die naar buiten moeten. Op een plat dak betekent dat een gat in de dakbedekking. Elke dakdoorvoer plat dak moet daarom goed worden afgewerkt, anders loopt er bij de eerste bui water langs de pijp naar binnen.
Hieronder leest u welke soorten doorvoeren er zijn, hoe ze worden aangebracht en waar u op let bij een airco of ventilatie.
Dakdoorvoer plat dak: wat is het?
Een dakdoorvoer is een onderdeel dat een leiding of kanaal door het dak leidt en de opening waterdicht maakt. Op een plat dak bestaat hij meestal uit een pijp of koker met een brede voet, de flens. Die flens wordt in de dakbedekking opgenomen.
Er zijn doorvoeren voor één ronde pijp, zoals een ontluchting of een afvoer van een ventilatiebox. En er zijn kokers of kappen waar meerdere leidingen tegelijk doorheen gaan, zoals de koelleidingen en de kabel van een airco.

Welke soorten dakdoorvoeren zijn er?
| Type | Gebruik | Aandachtspunt |
|---|---|---|
| Ronde doorvoer met manchet | Ontluchting, ventilatie, rookgasafvoer | De manchet moet passen bij de pijpdiameter |
| Doorvoerkoker met kap | Airco-leidingen, kabels, meerdere pijpen | De kap moet regen weghouden van de leidingen |
| Doorvoer met zwanenhals | Leidingen die van bovenaf naar binnen gaan | De bocht voorkomt dat regen de pijp in loopt |
| Geïsoleerde doorvoer | Koude leidingen of kanalen | Voorkomt condens aan de binnenkant |
De flens van de doorvoer is gemaakt voor een bepaald type dakbedekking. Er zijn doorvoeren voor bitumen, voor EPDM en voor kunststof banen. Een doorvoer voor bitumen hecht niet op EPDM, en andersom.
Hoe wordt een dakdoorvoer in een plat dak aangebracht?
- De plek kiezen. Niet in het laagste punt, waar water blijft staan. Ook niet te dicht bij de dakrand, een naad of een andere doorvoer, want dan is er geen ruimte om goed af te werken.
- Het gat maken. Door de dakbedekking, de isolatie en het dakbeschot, zo klein als de doorvoer toelaat.
- De doorvoer plaatsen. De flens komt op de onderste laag of direct op de ondergrond, afhankelijk van het systeem.
- De flens opnemen in de dakbedekking. Bij bitumen gaat er een extra laag over de flens. Bij EPDM en kunststof komt er een passend hulpstuk overheen dat wordt verlijmd of gelast.
- De bovenkant afdichten. Rond de pijp komt een klemband of manchet, zodat er geen water langs de pijp de koker in loopt.
De opstand van de doorvoer moet hoog genoeg zijn. De vakrichtlijn voor dakbedekkingen gaat uit van zo’n 150 mm boven het afgewerkte dakvlak, zodat opspattend water en een laagje staand water niet over de rand komen.

Waar let u op bij een airco of ventilatie?
Airco
Bij een airco lopen er koelleidingen, een condensafvoer en een kabel van het buitendeel naar binnen. Die gaan het best samen door één koker met een kap. Zo is er maar één opening in het dak.
- Zet het buitendeel niet direct op de dakbedekking. Gebruik steunen of rubber tegels, zodat trillingen en gewicht worden verdeeld.
- Laat de condensafvoer niet op de dakbedekking lekken. Leid die naar de afvoer.
- Vraag of de leidingen via de gevel kunnen. Dan is er geen gat in het dak nodig.
Een warmtepomp of groter buitendeel weegt meer. Lees daarover in warmtepomp of airco op een plat dak.
Ventilatie
Een mechanische ventilatie of afzuigkap heeft een ronde afvoer. Daarvoor is een ronde doorvoer met een kap of zwanenhals nodig. Kies een geïsoleerde doorvoer als er warme, vochtige lucht door gaat. Anders ontstaat er condens in de koker, en dat druppelt naar binnen.
Waar gaat het vaak mis bij een dakdoorvoer?
- Een installateur maakt het gat en dicht het af met kit. Kit droogt uit en scheurt binnen een paar jaar.
- De doorvoer past niet bij de dakbedekking, zodat de flens niet goed hecht.
- De opstand is te laag, zodat staand water over de rand loopt.
- De kap of manchet bovenaan ontbreekt, en regen loopt langs de leiding naar binnen.
- Op een brandbare ondergrond is met open vuur gewerkt, te dicht bij hout of isolatie.
Lekt er al water rond een doorvoer, lees dan lekkage bij een dakdoorvoer of ontluchtingspijp. Voor een schuin dak werkt het anders, dat staat in dakdoorvoer op een pannendak.

Hoe onderhoudt u een dakdoorvoer?
Kijk een of twee keer per jaar naar elke doorvoer, bijvoorbeeld als u de afvoeren schoonmaakt. Let op scheuren in de dakbedekking rond de flens, een losgeraakte manchet bovenaan en kit die is uitgedroogd. Kijk ook of er vuil of bladeren tegen de opstand liggen, want dat houdt water vast.
Binnen kunt u op het plafond rond de doorvoer letten. Een bruine kring of een druppel bij koud weer wijst op lekkage of condens. Hoe eerder dat wordt gezien, hoe kleiner het herstel. Wordt de installatie ooit weggehaald, laat de doorvoer dan niet open liggen, maar laat de opening netjes dichtmaken in de dakbedekking.
Wanneer schakelt u een dakdekker in?
Het liefst voordat de installateur komt. Spreek af dat de installateur de leidingen en de apparatuur doet, en de dakdekker de doorvoer en de aansluiting op de dakbedekking. Zo weet u wie waarvoor verantwoordelijk is als het lekt. Leg die afspraak kort vast in de offertes van beide partijen.
Wij plaatsen dakdoorvoeren in bitumen, EPDM en kunststof daken en werken ze af volgens het systeem van de dakbedekking. U krijgt een vaste prijs vooraf, per onderdeel op papier, vaak al op basis van foto’s. Meer leest u bij platte daken.
Veelgestelde vragen
Kan een installateur zelf een dakdoorvoer in mijn plat dak maken?
Dat kan, maar de aansluiting op de dakbedekking is dakdekkerswerk. Een doorvoer die alleen met kit is afgedicht, gaat vaak binnen een paar jaar lekken.
Hoe hoog moet een dakdoorvoer op een plat dak zijn?
De vakrichtlijn gaat uit van een opstand van ongeveer 150 mm boven het afgewerkte dakvlak, zodat staand en opspattend water niet over de rand komt.
Kunnen airco-leidingen ook via de gevel?
Vaak wel. Dan is er geen gat in het dak nodig, wat de kans op lekkage verkleint.
Moet een dakdoorvoer geïsoleerd zijn?
Bij koude leidingen of warme, vochtige lucht wel. Anders ontstaat er condens in de koker die naar binnen druppelt.


