Wie een dak laat vervangen of een offerte vergelijkt, ziet al snel een aantal pannen staan. Maar hoeveel dakpannen per m2 zijn er eigenlijk nodig? Dat hangt af van het model. Hieronder leest u de gangbare aantallen, hoe u het zelf uitrekent en waarom u altijd wat extra nodig hebt.
Hoeveel dakpannen per m2 hebt u nodig?
Het aantal pannen per vierkante meter verschilt flink per pantype. Een grote pan dekt meer oppervlak, dus u hebt er minder van nodig. Gangbare aantallen:
| Pantype | Ongeveer per m2 |
|---|---|
| Sneldekpan (groot formaat) | 8 tot 10 |
| Opnieuw Verbeterde Hollandse pan (OVH) | rond 10 |
| Verbeterde Hollandse pan (VH) | rond 14 |
| Tuile du Nord, klassiek formaat | rond 17 |
| Tuile du Nord, groot formaat | minder dan 10 |
Dit zijn richtwaarden. Wienerberger noemt bijvoorbeeld 17 pannen per m2 voor zijn TdN 18, maar een ander model met dezelfde naam kan anders uitvallen. Kijk altijd naar de gegevens van de fabrikant voor uw model. Meer over grote pannen leest u in ons artikel over sneldekpannen.

Hoe rekent u het aantal pannen uit?
Elke pan heeft twee maten die ertoe doen:
- De werkende breedte. Hoe breed de pan is als hij op het dak ligt, zonder de overlap met de pan ernaast.
- De latafstand. De afstand tussen twee panlatten. Dat is de werkende lengte van de pan, zonder de overlap met de pan eronder.
De berekening gaat zo:
- Vermenigvuldig de werkende breedte met de latafstand, beide in meters. Dat is het oppervlak dat één pan dekt.
- Deel 1 door die uitkomst. Dat is het aantal pannen per m2.
- Vermenigvuldig met de oppervlakte van het dakvlak.
Een voorbeeld: een pan met een werkende breedte van 0,30 meter en een latafstand van 0,25 meter dekt 0,075 m2. Dan gaan er 1 gedeeld door 0,075, dus ongeveer 13,3 pannen in een m2. Voor een dakvlak van 40 m2 zijn dat ongeveer 533 pannen, nog zonder snijverlies en hulpstukken.
Waarom de latafstand kan verschillen
Bij veel pannen ligt de latafstand vast. Bij sommige modellen is hij verschuifbaar binnen een marge. Op een flauwer dak worden de latten dan dichter op elkaar gelegd, zodat de pannen verder over elkaar vallen. Dat geeft meer pannen per m2. Op een steiler dak kan de latafstand juist groter.
Hoe meet u de oppervlakte van het dak?
Het gaat om de schuine oppervlakte van het dak, niet om de oppervlakte van de plattegrond. Meet per dakvlak:
- de lengte langs de goot, van gevel tot gevel of tot het einde van het overstek;
- de schuine lengte van de goot tot de nok.
Vermenigvuldig die twee en u hebt de oppervlakte van dat dakvlak. Een zadeldak heeft twee vlakken. Trek grote openingen, zoals een dakkapel of dakraam, eraf. Kleine openingen kunt u laten staan, die vangt u op met het snijverlies.
Kunt u het dak niet zelf opmeten? Dan kan de oppervlakte vaak worden bepaald met foto’s, een bouwtekening of een meting van buitenaf.

Waarom hebt u meer pannen nodig dan de berekening?
Een dak is zelden één rechthoek zonder onderbrekingen. U hebt extra pannen nodig voor:
- Snijverlies bij kilgoten, hoekkepers, dakramen en dakkapellen, waar pannen worden bijgezaagd;
- Breuk tijdens transport en leggen;
- Reserve voor latere reparaties, zodat u pannen van dezelfde partij en kleur hebt.
Hoeveel extra nodig is, hangt af van de vorm van het dak. Een eenvoudig zadeldak vraagt weinig extra. Een dak met veel kilgoten en hoekkepers vraagt meer. Bewaar na het leggen altijd een paar reservepannen.
Hulpstukken tellen apart
Nokvorsten, gevelpannen, ventilatiepannen en doorvoerpannen tellen apart. Die rekent u per strekkende meter of per stuk:
- nokvorsten per meter nok en hoekkeper;
- linker en rechter gevelpannen per meter gevel, per rij;
- ventilatiepannen en doorvoerpannen per stuk.
Op de plek van een gevelpan of ventilatiepan komt geen gewone pan. Die trekt u van het totaal af.
Wat zegt het aantal pannen over de prijs?
Meer pannen per m2 betekent niet altijd een duurder dak. Kleine pannen zijn per stuk goedkoper, maar het leggen kost meer tijd. Grote pannen leggen sneller, maar geven meer snijverlies bij details. Ook het gewicht per m2 verschilt per model. Meer daarover leest u in ons artikel over het gewicht van dakpannen per m2.
Landelijke prijsvergelijkers noemen in 2026 voor het vervangen van een pannendak vaak bedragen tussen 55 en 150 euro per m2, alles inbegrepen. Het aantal pannen is daar maar een deel van. Steiger, folie, latten, isolatie en aansluitwerk tellen net zo zwaar. Een overzicht van de kosten leest u in ons artikel over de kosten van een pannendak vervangen.
Losse pannen voor een reparatie
Hebt u maar een paar pannen nodig voor een reparatie, dan is het rekenen eenvoudig: tel de kapotte pannen en neem er een paar extra bij. Belangrijker is dat de pan past. Zoek hetzelfde merk en model, of een pan met dezelfde maten en sluitingen. Een pan die net iets anders valt, sluit niet aan op de pannen eromheen.

Wanneer schakelt u een dakdekker in?
Het aantal pannen uitrekenen is handig om een offerte te begrijpen of te vergelijken. Voor een goede bestelling moet ook de latafstand kloppen met de helling, en moeten de hulpstukken compleet zijn.
We werken vanuit Hippolytushoef voor Noord-Holland en vanuit Norg voor Groningen en Drenthe, met eigen voorraad. U krijgt een vaste prijs vooraf, per onderdeel op papier, met het pantype en de hoeveelheden erbij. Vaak kan dat al op basis van foto’s. Meer over ons werk leest u op de pagina over pannendaken.
Veelgestelde vragen
Hoeveel dakpannen gaan er in een m2?
Meestal tussen 8 en 17, afhankelijk van het model. Sneldekpannen zitten rond 8 tot 10, een Verbeterde Hollandse pan rond 14 en een klassieke Tuile du Nord rond 17.
Hoe reken ik het aantal dakpannen uit?
Vermenigvuldig de werkende breedte met de latafstand van de pan, deel 1 door die uitkomst en vermenigvuldig met de oppervlakte van het dak.
Hoeveel extra dakpannen moet ik bestellen?
Dat hangt af van de vorm van het dak. Een eenvoudig zadeldak vraagt weinig extra, een dak met kilgoten en hoekkepers meer. Houd ook een paar reservepannen over.
Tellen nokvorsten en gevelpannen mee in het aantal per m2?
Nee, die rekent u apart per strekkende meter of per stuk.


