Zelf dakpannen leggen lijkt overzichtelijk. De pannen haken in elkaar en de latten liggen op een rij. Toch gaat het in de praktijk vaak mis. Niet bij de eerste pan, maar bij de maatvoering, de bevestiging en de details rond nok, gevel en schoorsteen.
Hieronder leest u waar het meestal fout loopt en welke klussen wel goed zelf te doen zijn.
Waarom lijkt zelf dakpannen leggen makkelijker dan het is?
Een pannendak is een systeem. De pan, de panlat, de tengel en de folie werken samen. Klopt één onderdeel niet, dan werkt de rest ook niet goed. Water vindt de kleinste opening.
Een dakdekker begint daarom niet met pannen, maar met meten. De latafstand hangt af van het panmodel en de dakhelling. Die maat moet over het hele dakvlak kloppen, van de goot tot de nok.

Waar gaat het meestal mis bij zelf pannen leggen?
De latafstand
Elke dakpan heeft een eigen dekmaat. De fabrikant geeft aan binnen welke marge de panlatten moeten liggen. Liggen de latten te ver uit elkaar, dan overlappen de pannen te weinig en slaat regen eronder. Te dicht op elkaar en de pannen sluiten niet goed aan.
Wie oude latten laat liggen voor een ander panmodel, loopt dit risico bijna altijd. Meer over latten en tengels leest u in ons artikel over panlatten vervangen.
De folie eronder
Onder de pannen hoort een dampopen onderdakfolie die water naar de goot afvoert. Die folie moet in de juiste richting overlappen en onderaan in de goot uitkomen. Is de folie gescheurd of verkeerd gelegd, dan loopt water achter de goot langs in de muur. Lees ook waarom onderdakfolie vaak eerder op is dan de pannen.
De bevestiging
Pannen moeten vast tegen wind. Hoeveel pannen vast moeten, hangt af van de windbelasting, de plek op het dak en de hoogte van het gebouw. Daar is de norm NEN 6707 voor, die in 2019 voor het laatst is herzien. Randen, hoeken en de nok vangen de meeste wind. Een zelf gelegd dak heeft daar vaak te weinig panhaken.
De details
Het leggen van hele pannen in het midden van het dakvlak is het makkelijke deel. Het werk zit in de randen:
- gevelpannen en de afwerking bij de windveer;
- de nokvorsten en de ventilatie onder de nok;
- het loodwerk rond schoorsteen, dakraam en dakkapel;
- de kilgoot waar twee dakvlakken samenkomen;
- het zagen van pannen langs schuine lijnen.
Juist op die plekken zie je bij zelf gelegde daken de meeste lekkages.
Hoe gevaarlijk is werken op een pannendak?
Vallen is volgens het Arboportaal nog steeds de oorzaak nummer één van arbeidsongevallen. Voor werknemers zijn maatregelen tegen valgevaar verplicht boven 2,5 meter. Voor een particulier geldt die regel niet, maar het risico is hetzelfde.
Een dakdekker werkt met een steiger en randbeveiliging langs de goot, of met ankerpunten en een harnas. Een ladder tegen de goot is geen veilige werkplek voor een hele dag pannen sjouwen. Pannen wegen al snel enkele kilo’s per stuk, en een pakket op het dak zetten is zwaar werk.

Welke klussen kunt u wel zelf doen?
Niet alles hoeft door een vakman. Een paar dingen kunt u goed zelf, zolang u veilig kunt werken:
- Vanaf de grond het dak bekijken met een verrekijker, op zoek naar gebroken of verschoven pannen.
- De dakgoot schoonmaken vanaf een goed geplaatste ladder, op een laag huis.
- Op zolder kijken naar vochtplekken of daglicht tussen de pannen.
- Foto’s maken en bijhouden hoe het dak er per seizoen bij ligt.
Eén losse pan terugleggen op een laag schuurtje kan ook. Een heel dakvlak opnieuw leggen is een ander verhaal.
| Onderdeel | Risico als het niet klopt |
|---|---|
| Latafstand | Te weinig overlap, regen slaat onder de pannen |
| Folie | Water loopt achter de goot in de muur |
| Bevestiging | Pannen waaien los bij storm |
| Loodwerk | Lekkage rond schoorsteen en dakraam |
| Nok en ventilatie | Vocht blijft onder de pannen hangen |
Wat kost een fout op een zelf gelegd dak?
De besparing op arbeid lijkt groot, maar een fout wordt vaak pas na een paar winters zichtbaar. Dan is het dakbeschot nat geworden, zit er schimmel op zolder of is het isolatiemateriaal doorweekt. Het herstel is dan groter dan het oorspronkelijke werk.
Een dakdekker moet bij herstel vaak een deel van de pannen weer van het dak halen. Alleen zo zijn de latten, de folie of het lood onder de pannen te bereiken. U betaalt dan in feite twee keer voor hetzelfde dakvlak.
Denk ook aan de garantie. Fabrikanten geven garantie op hun pannen, maar vaak alleen als die volgens hun legvoorschriften zijn gelegd. Bij een eigen fout in de latafstand of bevestiging kunt u daar meestal geen beroep op doen. En een verzekeraar kijkt na een storm of lekkage ook hoe het dak is gelegd.
Wie toch zelf aan de slag wil op een schuur of tuinhuis, doet er goed aan de legvoorschriften van de fabrikant te volgen. Die staan per panmodel online, met de latafstand, de minimale dakhelling en het aantal panhaken.

Wanneer schakelt u een dakdekker in?
Moet er meer gebeuren dan een losse pan terugleggen, laat het dan doen. Dat geldt zeker bij nieuwe folie, nieuwe latten of werk rond schoorsteen en dakramen. Twijfelt u over wie u kiest, dan helpt ons artikel over een betrouwbare dakdekker kiezen.
Wij werken met een eigen ploeg, eigen bussen en eigen voorraad, dus we kunnen vaak snel starten. U krijgt een vaste prijs vooraf, per onderdeel op papier, en meerwerk gebeurt alleen na uw akkoord. Op werkdagen bellen we binnen 4 uur terug. Meer over ons werk leest u bij pannendaken.
Veelgestelde vragen
Mag ik zelf dakpannen leggen?
Ja, voor een eigen woning is dat toegestaan. Houd er rekening mee dat fouten in latafstand, folie en loodwerk vaak pas na jaren zichtbaar worden als lekkage.
Hoeveel pannen moeten er vast op een dak?
Dat hangt af van de windbelasting, de plek op het dak en de hoogte van het gebouw. De norm NEN 6707 geeft daarvoor de regels, randen en hoeken vragen meer bevestiging.
Kan ik nieuwe pannen op de oude panlatten leggen?
Alleen als de latafstand past bij het nieuwe panmodel en de latten nog gezond zijn. Bij een ander model zijn meestal nieuwe latten nodig.
Wat kan ik veilig zelf doen aan mijn pannendak?
Het dak vanaf de grond of de zolder controleren en foto’s maken. Werk op het dak zelf laat u beter over aan iemand met steiger of valbeveiliging.

